Natuurkalender
Nieuws en agenda
Meedoen
Scholen
Projecten
Waarnemingen
Informatie soorten
Achtergrondinformatie
Links
Zoeken
Landbouw
Teken
Hooikoorts
Eikenprocessierups
Ganzen

Abe Maaijen, Stolwijk

Het is alweer vele jaren terug, in de buurtschap ’t Beijersche waar wij woonden was een kleine school. Hier zaten we samen in klas 5, van de lagere school. Onze klas was maar 5 kinderen groot vandaar. Na schooltijd was het altijd de polder in. Vissen, slootje springen, appels pikken bij Dirk. Of ander kattenkwaad.

Ook vandaag. We gaan kastanjes rapen onder de boom van boer Janus. Die boom heeft de grootste van de hele buurt, althans dat dachten wij. Alleen boer Janus is niet zo gemakkelijke. Als die je snapte kon je een pak slaag krijgen. Maar dat kon ons natuurlijk niet tegenhouden, de boom stond toch een eind van de boerderij vandaan. Arie zou rapen en Abe zou op de uitkijk gaan staan. Bij de boom aangekomen hadden we pech er lag er niet één onder. Arie weet raad, hij zou de boom inklimmen en dan de takken schudden.
Nauwelijks zat hij boven in de boom of Janus komt op zijn fiets aangescheurd. Hoe wist hij dat we in de boom zaten? Arie !!! Janus komt er aan !!! opschieten. Maar dat was niet zo simpel, hij zat veel te hoog. Ik maakte dat ik weg kwam. Op een veilige afstand kijk ik wat er gaat gebeuren. Janus staat ondertussen onder de boom. Vloekend en tierend tegen Arie. Jij, jij, rot jong kom uit mijn boom. Ik geef je een pak op je lazer enz. Arie ook niet gek roept hem terug dat hij hem maar moet komen halen. Dat kon hij toch niet, Janus was dik, in de zestig en zo stijf als een deur. Deze patstelling gaat dus wat langer duren.

Janus neemt onder de boom de wacht en Arie bleef rustig op een dikke tak een meter of 4 hoger zitten. Ondertussen wordt het vijf uur, en het wordt half zes en Janus bleef zitten. Arie ook. Een ding was zeker, Janus moest het opgeven. Het wordt melktijd dat is zo zeker als 1 en 1 twee is en de koeien konden niet wachten.

Tegen zes uur was het dan zover, Janus pakte zij biezen. Strompelde naar zijn fiets, en vertrok. Uiteraard niet zonder de nodige dreigementen, zoals ik krijg je nog wel, en ik weet wie je bent. Voor ons was het een overwinning en wij konden alsnog de kastanjes rapen. Waarom we er zoveel raapten weet ik niet. Je kon ze niet eten of zo. Waarom we ze ook altijd bij Janus moesten rapen, weet ik evenmin. Later zie je dan in, dat er overal grote liggen.

Ik denk dat het de spanning moet zijn geweest. Want een week of twee later was het weer feest dan was het walnoten tijd en bij boer Janus stond toevallig een hele grote noten boom op het erf. Die konden we alleen veilig rapen op zaterdagmiddag als Janus zijn middagdutje deed.