Geelsprietdikkopje
|
|
Thymelicus sylvestris
 |
 |
 |
Geelsprietdikkopje Foto: Ab H. Baas |
Fenofase: Zomersoort, eerste verschijning rond half juni. Vliegt in één generatie, de vliegperiode loopt tot eind augustus/begin september. Vliegt meestal een of twee weken eerder dan het zwartsprietdikkopje.
Beschrijving: Een kleine vlinder met naar verhouding een grote kop. Lijkt veel op het zwartsprietdikkopje en het groot dikkopje. Zie verder dikkopjes.
Habitat: Vrij algemeen in allerlei graslanden waarin wat structuur en soortenrijkdom zit.
Voedsel rups: Diverse grassoorten.
Overwintering: Als ei met daarin de reeds ontwikkelde rups. Het ei zit in de bloeiaar of bladschede van het gras.
Lees hier meer over de dikkopjes
Geef hier je waarneming door van het eerste exemplaar van deze soort

Copyright © 2007
Leerstoelgroep Milieusysteemanalyse,
Wageningen Universiteit.
|