Achtergrondinformatie
|
|
Wat is fenologie?
"Phaenologie" is een afkorting van het
woord "Phaenomenologie", wat betekent: de leer van de
phaenomenen (verschijnselen). De verschijnselen die in deze tak van
wetenschap bestudeerd worden, zijn de verschijnselen in de natuur die op
vaste tijdstippen plaatsvinden. Dit zijn bijvoorbeeld het begin
van bladontplooiing, bloei en bladval bij planten en de start van vogeltrek.
Deze fasen worden "fenologische fasen" of kortweg "fenofasen" genoemd.
De zweedse onderzoeker Linnaeus was de grondlegger van het fenologisch onderzoek aan planten.
In 1750 begon bij op verschillende plekken in Zweden bij te houden wanneer planten in bloei kwamen. Ook noteerde hij nauwgezet
de klimatologische omstandigheden.
Tegenwoordig is het duidelijk dat de timing van veel soorten vaak sterk beïnvloed worden
door factoren als temperatuur, neerslag en daglengte. We proberen deze relaties zo goed mogelijk
te onderzoeken. Door de huidige en verwachte klimaatveranderingen is fenologie weer een actueel onderwerp.
Doordat temperatuur en neerslag de afgelopen decennia veranderd zijn, zijn er ook veranderingen opgetreden in de
fenologie avn verschillende soorten. Bij planten zijn deze veranderingen duidelijker te zien dan
bij vogels, omdat planten minder mobiel zijn en direct beïnvloed
worden door het Nederlandse klimaat. Trekvogels die terugkeren naar hun
broedgebied, zitten op het moment dat ze besluiten te vertrekken nog
rond de evenaar en weten niet hoe het weer in Nederland is. Vogels
die over kortere afstanden trekken, laten wel verschillen zien in
aankomstdatum vergeleken met vroegere jaren.
 |
| Het opengaan van de bladknop voorafgaand aan de
bladontplooiing bij de Beuk (Fagus sylvatica) |
Het belang van de juiste timing
De timing van de fenofasen is erg belangrijk in ecosystemen. Hiermee
worden onder andere de lengte van het groeiseizoen, het
pollenseizoen en de start en duur van verschillende (insecten)plagen
bepaald. De beschikbaarheid van voedsel hangt samen met de timing:
veel insecten leven van plantaardig materiaal, veel andere dieren
leven van insecten. Vers blad is pas voorhanden wanneer de
bladknoppen van bomen en struiken open gaan. Ook het optreden van
vorstschade aan bomen houdt verband met de timing van het proces van
knopvorming.
Deze momenten variëren en zijn van jaar tot jaar verschillend. Na
een warm, nat voorjaar kan het groeiseizoen een maand eerder
beginnen dan na een koud voorjaar.
Figuur 1 laat zien dat het moment van bladontplooiing bij de
Witte
paardekastanje (Aesculus hippocasanum L.) is gerelateerd is aan
de temperatuur in de eerste 3 maanden van het jaar. Is deze gemiddeld
zo'n 2°C lager, dan vindt bladontplooiing ca. 10 dagen later plaats.
 |
Figuur 1: de datum van de bladontplooiing bij de
Witte paardekastanje uitgezet tegen de gemiddelde temperatuur in
februari, maart en april.

|
Verandering van het klimaat
De wereldgemiddelde temperatuur is in de 20e eeuw met
0,7°C gestegen. (zie ook "het
klimaat"). De verwachting is dat in de 21e
eeuw de temperatuur zal stijgen met zo'n 1,4 tot 5,8°C. Ook zal de zeespiegel
stijgen, met naar verwachting tussen de 9 en 88 centimeter. De jaren negentig
van de afgelopen eeuw waren de warmste 10 jaar sinds het begin van de metingen.
De periode 1900-1999 was de warmste periode in de afgelopen 1000 jaar, wanneer
men kijkt naar het Noordelijk halfrond.
Deze stijgingen zullen zeker effecten hebben op fenologie en hiermee op hele ecosystemen. Nu al is
merkbaar dat het groeiseizoen langer wordt en veel planten eerder bloeien. In de
toekomst moet meer duidelijkheid verkregen worden over de veranderingen en de
consequenties daarvan voor ecosystemen.

Copyright © 2009 Leerstoelgroep Milieusysteemanalyse
, Wageningen UR.
|