Zuidpool wordt toch warmer
|

|
19 oktober 2005
Een alarmerende temperatuurstijging in de Zuidelijke Oceaan bedreigt zeehonden, walvissen,
pinguïns en plankton. De oceaan ten westen van het Antarctische schiereiland is sinds de ‘60-er jaren
van de vorige eeuw met meer dan een graad opgewarmd. Computermodellen hadden juist voorspeld dat
het water in het Zuidpoolgebied niet zou opwarmen.
Zeedieren in het Antarctische gebied zijn erg gevoelig voor veranderingen in temperatuur.
Britse onderzoekers voorspellen dat door verdere opwarming populaties en soorten uit het
gebied kunnen verdwijnen. Zelfs een heel kleine toename van de temperatuur kan gevolgen hebben.
Fragiel ecosysteem
‘s Zomers stijgt de watertemperatuur rond het Antarctische schiereiland tot 0,5ºC. Rond 2ºC
verliezen Antarctische kammosselen hun vermogen te zwemmen. Rond 4-5ºC verliezen ze hun vermogen
zich in de zeebodem in te graven.
Plankton wordt gezien als een basissoort voor de oceaan. Een organisme waarvan veel andere soorten
in het gebied afhankelijk zijn. Maar deze soort staat onder druk. Volgens een onderzoek dat
vorig jaar gepubliceerd is, is de hoeveelheid plankton sinds de ’70-er jaren van de vorige eeuw
met 80% afgenomen. Experts zeggen dat dit komt door de afname van het zee-ijs.
Verwarrende modellen
In veertig jaar is de temperatuur van het Antarctische water meer dan een graad warmer
geworden. Volgens computermodellen zouden een combinatie van ijs, wind en waterstroming het
water koud houden en veel zeeleven beschermen tegen de effecten van klimaatverandering.
De luchttemperatuur op het Antarctische schiereiland is de laatste 50 jaar gestegen met 3ºC.
Ook dit is niet door computermodellen voorspeld.
Het ziet er dus naar uit dat computermodellen vrij slecht zijn in het beschrijven van poolgebieden.
Bron
De BBC

Copyright © 2012 Leerstoelgroep Milieusysteemanalyse
, Wageningen UR.
|